Traditiegetrouw zijn voor Ajax de clashes met PSV en
Feyenoord dé wedstrijden van het seizoen. De tegenstander van zondagmiddag klopte
de afgelopen jaren echter ook steeds vaker aan de poort: AZ. De wedstrijden tegen
de provinciegenoot in het westen zijn steeds crucialer geworden en bij vlagen
net zo belangrijk als de duels met de traditionele rivalen. Toegegeven, de Alkmaarders spelen deze jaargang niet echt
een rol van betekenis in de
Eredivisie. De club bleef lang in het rechterrijtje
hangen en heeft zich onderhand in de top 8 gemeld. De achterstand op koploper Ajax
is met dertien punten echter aan de forse kant. Toch brengen de onderlinge
duels altijd een bepaalde energie los bij betrokkenen.
Zondagmiddag staat in de Johan Cruijff ArenA het honderdste
duel tussen Ajax en AZ op het programma. De kale cijfers spreken ruimschoots in
het voordeel van de Amsterdammers: 62 zeges, 20 remises en 17 nederlagen over
alle ontmoetingen. Lang was de bescheiden topper van nu ook een duel dat
eigenlijk niet heel erg speciaal was voor Ajax. Pas toen AZ zich in 2005
definitief bij de top van Nederland meldde, kregen de onderlinge ontmoetingen enige
betekenis.
Ajax kreeg er weer een geduchte concurrent bij, zo kun je
stellen. Hoewel AZ enkel in 2009 landskampioen werd en daarna zelden écht
meedong om de titel, waren de onderlinge potjes vaak beladen. Tussen 2004 en
2021 troffen beide ploegen elkaar maar liefst 43 keer in officiële wedstrijden
en Ajax won ‘slechts’ 22 keer. AZ won twaalf keer en negen keer kende de
confrontatie geen winnaar. Een aantal van deze wedstrijden waren behoorlijk memorabel.
Een klein boeketje.
6 mei 2007: Bekerfinale AZ – Ajax (1-1)
Het seizoen 2006/07 staat in de boeken als één van de meest bijzondere
seizoenen ooit in het Nederlandse voetbal. Op de laatste speeldag konden zowel
Ajax, AZ en PSV kampioen worden. AZ had de beste uitgangspositie, maar speelde
gelijk tegen Excelsior. Ajax won met 0-2 van Willem II, maar PSV was met 5-1 te
sterk voor Vitesse en dat was net genoeg om de titel naar Eindhoven te halen.
Met net zo veel punten als Ajax, maar één doelpunt meer werd PSV landskampioen.
Een week later konden AZ en Ajax nog iets van het verloren seizoen
maken, aangezien beide ploegen in de bekerfinale stonden. Het duel had
werkelijk alles. AZ dat via Moussa Dembelé al na drie minuten op voorsprong
kwam, Klaas-Jan Huntelaar die vlak na rust gelijkmaakte, Gabri die rood kreeg
nadat hij Demy de Zeeuw een klap verkocht en als klap op vuurpijl nog AZ’er
Shota Arveladze die in de verlenging keihard op de lat kopte. Die verlenging
leverde geen winnaar op, waarna strafschoppen de bekerwinnaar moesten bepalen.
Ajax schoot acht keer raak, terwijl AZ-jongeling Ryan Donk miste vanaf elf meter.
Uiteindelijk was het oude rot Edgar Davids die de beslissende pingel raak
schoot.
21 december 2011: Achtste Finale KNVB Beker Ajax – AZ (gestaakt)
Ook het seizoen 2011/12 was een spannend voetbaljaargang,
met zes ploegen die het tot diep in het voorjaar elkaar lastig maakten om het
landskampioenschap. Ook in het bekertoernooi was het spannend, men keek dan ook
uit naar de confrontatie tussen Ajax en AZ in de achtste finale.
Ajax kwam binnen tien minuten al op voorsprong via Gregory
van der Wiel, maar in de 37e minuut gebeurde iets werkelijk ondenkbaars.
Een supporter rende het veld op en viel AZ-goalie Esteban aan. De doelman
verweerde zich en trapte de supporter, waarna hij rood kreeg. Reden genoeg voor
trainer Gertjan Verbeek om zijn spelers van het veld te halen en niet meer
terug te laten komen.
Ajax – AZ werd gestaakt en werd op 19 januari ingehaald. In
eerste instantie zonder publiek, maar later werd besloten om duizenden kinderen
toe te laten tot de toenmalige Amsterdam ArenA. Onder het toeziend oog van die
kinderen verloor Ajax uiteindelijk met 2-3 en ging AZ door.
27 juli
2013: Johan Cruijff Schaal 2013 AZ – Ajax (2-3)
Als regerend landskampioen ontmoette Ajax bekerwinnaar AZ
voor de Nederlandse supercup. Ajax was op zoek naar eerherstel, want er heerste
een heuse vloek op de
Johan Cruijff Schaal. De Amsterdammers deden namelijk ook
mee aan de drie voorgaande edities, maar verloor telkens maar weer. Tegen AZ
moest met de slechte reeks afgerekend worden.
Dat lukte. Hoewel AZ na 67 minuten spelen nog met 2-0 voor
stond, sloeg Ajax genadeloos hard terug in het laatste deel van de wedstrijd.
Via een eigen goal van Jeffrey Gouweleeuw en Kolbeinn Sigthorsson kwam de ploeg
van toenmalig coach Frank de Boer op gelijke hoogte. Een verlenging moest
bepalen wie er met de schaal vandoor ging.
Na 103 minuten spelen was het raak in het voor Ajax gunstige
doel. Christian Eriksen gaf de bal lang voor, waarna de inkomende Siem de Jong in
de buurt van de tweede paal Esteban kon passeren middels een kopgoal. Het goudhaantje,
die in die tijd bekendstond om zijn vele belangrijke goals, zorgde zodoende
voor de winnende en Ajax won voor het eerst sinds 2007 weer eens de Johan
Cruijff Schaal.
1 maart 2020: Eredivisie Ajax – AZ (0-2)
Een naar wat later bleek cruciale wedstrijd in het seizoen
2019/20. Ajax en AZ streden om de landstitel en in de eerste seizoenshelft won AZ
al van de Amsterdammers. De ploeg van trainer Erik ten Hag was dus gewaarschuwd
toen men op 1 maart 2020 in de eigen Johan Cruijff ArenA de rivaal ontving.
Ajax speelde niet eens zo slecht, maar was totaal niet effectief.
Twintig keer werd er geschoten, maar geen bal belandde in het doel. AZ was op
de counter daarentegen dodelijk. Via Myron Boadu en Oussama Idrissi kwam de
ploeg op 0-2 en dat bleek ook de eindstand.
Enkele weken na de wedstrijd kwam de coronacrisis los en
werd de competitie stilgelegd. Op dat moment waren er 25 wedstrijden gespeeld
en stonden Ajax en AZ met hetzelfde aantal bovenaan. Gezien Ajax’ doelsaldo
iets beter was, kregen de Amsterdammers het directe Champions League-ticket
voor het seizoen daarna toegewezen. Tot woede van de Alkmaarders.