Erik ten Hag is kritisch op de eerste helft die Ajax woensdag speelde tegen Besiktas. De oefenmeester wilde zijn ploeg simpeler zien spelen, waardoor de Turkse tegenstander minder de gelegenheid zou krijgen om de Amsterdammers te verrassen in de omschakeling. 'Ik vond ons in de eerste helft heel matig aan de bal. Veel
te complex en dan loop je in de counters', aldus Ten Hag in gesprek met
Ziggo Sport. 'Daar komt nog bij dat de pressing
niet liep zoals die normaal loopt. Dan krijgt de tegenstander ook een paar
kansen, vooral uit de omschakeling en spelhervattingen.'
Daarnaast was ook de invalbeurt van
Sébastien Haller van cruciaal belang. 'In de Eredivisie doet hij dat ook vaak, maar omdat de
tegenstanders daar nog meer gesloten staan, is het moeilijker en moet hij zich
opofferen. Dan zou de rest om hem heen moeten profiteren. Daar moeten we aan
blijven werken, maar wat hij in de
Champions League laat zien, is fenomenaal. Zeker
omdat er in het begin wat bedenkingen waren bij hem.'
Dat Haller aanvankelijk op de bank begon, had te maken met het roulatiesysteem dat Ten Hag hanteerde. Over het algemeen is hij niet ontevreden over wat de nieuw ingebrachte spelers lieten zien. 'Nico (Tagliafico, red.), Perr (Schuurs, red.) en
David (Neres, red.) – die wat minder spelen – hebben het gewoon prima gedaan. Maar ook
Kenneth Taylor kon me wel bekoren in de eindfase.'
Puntenrecord in handen van Bogarde en Reiziger
Wat rest is een thuiswedstrijd tegen Sporting Portugal. Ten Hag weet dat het puntenrecord van zestien in de groepsfase van de Champions League in handen is van Winston Bogarde en Michael Reiziger - de assistenten van Ten Hag - en hij is vastbesloten dat puntenaantal te verbeteren. 'Dan moeten we van Sporting winnen en we gaan er alles aan doen om
dat voor elkaar te krijgen. Het is een mooie volgende uitdaging, maar eerst
wacht Sparta.'